Tel Aviv

 Vanuit het hotel in Ramat Gan (tussen het vliegveld en Tel Aviv in) nam ik een taxi naar mijn volgende hotel aan het strand in Tel Aviv. Op aanraden van Einav heb ik deze vakantie hotels geboekt bij Dan Panorama, het goedkopere zusje van Dan. Niet alleen om het financiele aspect, maar qua locatie lag dit hotel ook om de hoek bij de vertrek plaats voor de tour naar Jeruzalem die ik voor donderdag had geboekt. Ik was natuurlijk veel te vroeg, maar dacht dat ik in ieder geval mijn koffer kon afgeven. Wat een toeval dat de man die mij te woord stond bij de receptie een Nederlander was, ok, hij was al 20+ jaar geleden uit Bloemendaal vertrokken, maar zijn Nederlands was nog perfect. En hij vond het overduidelijk leuk om een Nederlandse gast te treffen. Hoe ik weet dat hij het leuk vond? Ik kreeg een upgrade naar een kamer met zeezicht op de 15e verdieping, mocht er al voor 11 uur in en kreeg ook nog een gratis ontbijt voor vrijdag. Alsof dat nog niet genoeg was, belde hij ook nog mijn volgende Dan Panorama in Eilat waar ik vrijdag heen ga om te zorgen dat ik op de “VIP” lijst sta daar. Ik voelde me bijna royalty kan ik je zeggen. 

Ik had met mijn Lonely Planet pocket edition een route uitgestippeld voor vandaag, op de ouderwetse manier door eerst alle informatie te lezen en dan op de kaart in het boekje uit te vogelen wat de beste volgorde zou zijn qua looproute. Eniek had bij het ontbijt al tegen Eric gezegd dat daar dus veel te veel op stond en dat ze dit keer blij was dat ze niet mee hoefde. Hahaha, ons kent ons. Ik zit dit nu te typen met taks pootjes en 15km wandelen op de teller, dus ik denk dat ze gelijk heeft… 

De eerste twee stops op mijn lijstje had ik per ongeluk al gedaan voor het inchecken omdat ik mijn taxi te vroeg op de Kaufman Street had laten stoppen. Het zich op Jaffa was niet heel super, omdat stormfront Dennis mij blijkbaar naar Israel is gevolgd en het vandaag dus de hele dag bewolkt, regenachtig en winderig is geweest.  Gelukkig was ik a. zo slim geweest om een regenjas in te pakken en mee te nemen en b. had het hotel en paraplu voor me te leen. Aan het eind van de dag waren mijn schoenen doorweekt en mijn broekspijpen tot net onder de knie kletsnat, maar we zijn natuurlijk niet van suiker en zijn qua nat weer heel wat gewend. 

Vlak bij het hotel lag Carmel Market, een typische shuk zoals dat heet met veel fruit- en eettentjes alsook kleding, de Afrikaandermarkt maar dan dichter op elkaar en met veeeeel mooier fruit dan bij ons. Een lekker granaatappel smoothie gescoord, maar voor de rest niet veel gekocht of geproeft, het was pas 11 uur ‘s ochtends. Mango tree stond in het boekje als een leuk sierraden winkeltje en ze maakten inderdaad mooie kettinkjes met je naam in het Hebreeuws, alleen was de levertijd 14 dagen en dat is toch net te lang. Gezien ik mijn data niet wil gebruiken i.v.m. de exorbitante tarieven heb ik alle navigatie gedaan met alleen de ouderwetse kaart, gelukkig staat op alle straatnaambordjes ook de straat in het Engels. 

Als meest Noordelijke punt van de route eerst naar Rabin Square, het grootste plein van Tel Aviv met in het midden het Holocaust and Revival Monument. Een pyramide vormige kooi waarbij de kunstenaar als uitleg had gegeven dat het zowel de pijn en smart weergaf (de kooi) als de euforie van bevrijding (hij is open naar de hemel toe). De ecologische vijver met fontein, Koi karpers en waterlelies viel daarbij wat in het niet. 

De Rothschild Boulevard wandeling stond in mijn boekje, alleen heb ik hem in omgekeerde volgorde gelopen, van Noord naar Zuid dus. Vanuit Rabin Square eerst mijn weg gevonden naar Habima Square, met een enorm beeld met drie grote cirkels dat de economische instabiliteit van de ’70 jaren moet weergeven. Veel theaters e.d. staan ook aan dit plein alsook een tuin middenop het plein waar mooie vioolmuziek uit speakers komt, als het droog geweest was, was ik wel even gaan zitten….

Halverwege koffie gedronken, niet omdat ik perse koffie wilde, maar mijn stops zijn vandaag meer ingegeven geweest door de sanitaire kant van de stop dan de behoefte aan eten of drinken. De boulevard is niet alleen een mooie oude, brede straat met bomen, maar ook onderdeel van de indepence trail. Net als in Boston is de train uitgezet met een “gouden” metalen streep in de straat. Hij eindigt bij Independence Hall, een museum waar ook de declaration of indepence uit 1948 normaal gesproken ligt en waar ik graag heen had gewild, maar helaas wordt het gebouw helemaal gerenoveerd en is het museum dus dicht. Iemand vertelde me dat een deel van de tentoonstelling in een nabijgelegen winkelcentrum is opgehangen, dus met een kleine detour ben ik daar ook nog even gaan kijken. Niet alles was daar tentoongesteld, maar wel voldoende om een beetje van de geschiedenis te lezen. Dat de Israelische staat na de tweede wereldoorlog officieel was erkend, dat wist ik al wel, maar dat er 50 jaar eerder in Basel al een manifest was neergelegd door Binyamin Herzl, dat wist ik weer niet.

Van daaruit richting de Levinski Spice market, volgens het boekje populair bij alle chefs in Tel Aviv. Nog voor je de kraampjes ziet, ruik je alle kruiden en specerijen al, heerlijk! Jammer dat je geur niet op een plaatje kunt vastleggen. Tja en toen was het “pas” twee uur ‘s middags, hetgeen mij deed besluiten om mijn vrijdag plan maar meteen vandaag eraan vast te plakken: anderhalve km naar Jaffa lopen was het saaiste stuk van de route, maar Jaffa was het meer dan waard! Het mooiste stuk van de stad, kan ik je zeggen. Ook het oudste stuk van de stad, zo’n 4000 jaar geschiedenis. De Jaffa vlooienmarkt kwam ik als eerste tegen. De kleine straatjes vond ik leuker dan alle ‘curiosa’ die daar te koop was. Inmiddels was het ook tijd voor een sanitaire stop – eh – lunch. Een lekker bladerdeeg broodje met feta uit de oven en “natural tea” (munt, citroen en honing) en de inwendige mens kon er ook weer tegen. 

Het oude stadje is bijna een fort met alle straatjes die meer gangen lijken, trapje op, trapje af, heel veel kunstenaars hebben er hun galerie, superleuk om rond te struinen. Eerste er helemaal doorheen naar de haven aan de Middellandse zee en daarna alle trappen weer op naar het park dat in het midden ligt met de wensbrug, de oude katholieke kerk (uit 1219) en de archeologische opgravingen met Egyptische hieroglyphen uit de 13e eeuw voor Christus. Vanaf het hoogste punt heb je ook een mooi, ietwat verregend uitzicht op Tel Aviv. En na dit alles vond ik het welletjes en ben ik weer teruggelopen naar het hotel om droge kleren aan te trekken, een kopje thee te zetten en lekker met m’n benen omhoog te gaan zitten. 

 

reis naar Israel

Eniek en Eric waren uitgekozen door hun school om hen te vertegenwoordigen in een internationale science wedstrijd van een week in de woestijn van Israel. In het begin waren eigenlijk alle vrouwen (moeders en Eniek) best bezorgd over hoe dat dan allemaal moest gaan lopen qua vervoer daarnaartoe, dus ik had aangeboden om mee te gaan als reis-chaperone (geen straf). Iedereen weer gerust en we kregen daarna iedere week wat meer informatie over hoe de week in zijn werk zou gaan. Uiteindelijk bleek het allemaal vlekkeloos geregeld en was het min of meer overbodig dat ik erbij was, maar ach de reis was al geboekt…  Bart bleef thuis met Stijn, want die had zijn derde toetsweek in Havo 4. 

Met z’n drieen gingen we met de trein naar Schiphol en vlogen we “uneventful” met Transavia naar Tel Aviv. Met een half uur vertraging kwamen we daar aan om te ervaren dat de immigratie/douance op Ben Gurion Airport JFK-achtige wachttijden heeft. Twee mensen van de organisatie kwamen ons ophalen met een auto om ons naar het hotel-voor-1-nacht te brengen. Daar had ik gelukkig al een eigen kamer geboekt, want Eniek deelde haar kamer met twee andere meisjes (uit Hongarije en Bulgarije) die ook meededen. Aan de competitie doen ongeveer 50 jongeren mee, allemaal in de leeftijd 5/6 vwo, iets meer dan de helft komt uit Israel en de rest komt uit allerlei Europese landen. Het is al de 6e keer dat dit wordt georganiseerd, ik had er voorheen nog nooit van gehoord: Sustainergy-6. Het onderwerp van sustainability en biologie is helemaal op Eniek’s lijf geschreven en helemaal super dat vlucht, hotel en maaltijden door de organisatie worden betaald. 

Met een gerust hart kon ik woensdag na het ontbijt afscheid nemen van E&E, zijn gingen met een bus naar Yahel, een kibutz in de woestijn op 5 uur rijden van Tel Aviv. Ik ben super benieuwd naar de foto’s en verhalen als ze volgende week dinsdag weer terugkomen naar hetzelfde hotel, alwaar ik natuurlijk weer een kamer heb gereserveerd om hen te ontmoeten.

Iets anders dan skien?

Iedere dag staan we lekker op de ski’s, maar wellicht vragen jullie je ook wel af of we nog iets anders doen buiten de piste. Het antwoord is: niet zo heel veel, haha. Maar natuurlijk zijn er de kleine dagelijkse dingen die horen bij een relaxede vakantie. Veel wandelen door het dorp, een autoloos centrum heeft zo z’n charme en al helemaal als er duizende lampjes zijn opgehangen.

De supermarkt is een kleine kilometer lopen en zorgt ervoor dat we iedere dag toch ruim 10 duizend stappen zetten. En ook in Canada hebben ze veel van onze favorieten qua eten: de lekkerste jus d’orange (stand staat op 6 liter), Five kauwgom, Reese’s pieces, maar ook het ontbijt is iedere ochtend feest met afwisselend scambled eggs met bacon, versgebaken wafels of American pancakes met echte Maple Sirop, bagels met cream cheese of cinnamon rolls uit de oven. Per 1 januari gaan we wel weer aan de lijn denken…

Lunchen doen we meestal op de piste, maar ‘s avonds “kook” ik iets simpels – als je chicken tenders, tatertots en broccoli of pasta echt koken mag noemen – en eten we gezellig met een film uit de uitgebreide DVD collectie van het hotel, om de beurt mag iemand uitzoeken en zo kijk je de ene avond Elf of Princess Diaries en de andere avond X-men of Inception. Iedere dag na het skien ga ik mijn moeie benen ook wat rust gunnen in de hot tub, maar de rest van de familie is iets minder waterrat. Vroeger was Stijn niet uit het zwembad te krijgen en nu wil hij er niet meer in.

De arcade in de kelder is nog wel steeds aantrekkelijk, ze hebben een aantal computer games, een tafelvoetbalspel, air-hockey en ook een pool tafel. Stijn heeft mij al uitgedaagd, maar gelukkig heb ik mijn eer hoog kunnen houden en met 3-2 de best out of five gewonnen, meer mazzel dan kundigheid en het zal niet lang duren of ik kan de overwinning wel vergeten. Met Eniek heb ik een middag ook de schaatsen onder gebonden, op het Olympische plein hebben ze een kleine ijsbaan gemaakt en verhuren ze kunstschaatsen. Geen van twee zijn we echte helden op de ijzers, maar het is weer eens wat anders dan schaats-bewegingen maken met je ski’s op de platte stukken. Kortom: we genieten vooral van het sneeuwwitte landschap en het relaxede samenzijn, maar voor de echte avonturen als ziplinen of hondenslee rijden zijn we dit jaar een beetje luier ingesteld.

Kerstavond op z’n Canadees

Ik ben er nog steeds niet helemaal uit of ik het fijner vind dat het zonnig is met veel kunstsneeuw of dat ik graag een dik pak sneeuw heb met minder zicht. Een goede mix van beide is natuurlijk het ideale scenario, maar helaas ziet het ernaaruit dat op de eerste dag na we weinig echte sneeuw gaan krijgen. Maar gouden randje is natuurlijk dan wel dat het uitzicht geweldig is. Niet alle pistes en liften zijn nog open, daarvoor is er te weinig sneeuw gevallen, maar er gaan steeds meer pistes open, dus een aantal van onze favorieten hebben we al kunnen toevoegen. We zijn pas halverwege de vakantie, dus als ze nu een beetje hun best doen met sneeuw maken, wie weet kunnen we dan ook Ode to Joy, Highway 86 en met een beetje mazzel ook Dave Murray aan ons lijstje toevoegen.

De kids zitten ook dit jaar weer vijf dagen op het teen-ski-camp, dat is goed voor hun techniek en natuurlijk leuk voor hen om met leeftijdsgenoten te skien. En heel stiekem ook leuk voor Bart en mij natuurlijk om met z’n tweetjes een paar dagen op pad te kunnen. Bart wisselt dan van snowboard naar ski’s, zodat we een beetje gelijk op gaan. Of liever, zodat we ook de ski-paden kunnen doen, want voor een snowboard zijn die vaak een beetje te plat en met stokken kom je overal uit. De eerste paar dagen had ik een redelijke angst-blokkade door mijn knie-blessure van vorig jaar, maar door zelf ook een lesje te nemen is dat weer redelijk recht gezet. Nog steeds gaat Bart een stuk sneller, maar dat gooi ik dan maar op de zwaartekracht die in zijn voordeel werkt.

In Canada vieren ze kerst vooral op de 24e, dat heet dan Christmas Eve, zelfs overdag wens je mensen een Happy Christmas Eve toe. ‘s Avond is dan het traditionele kerstdiner en de kadootjes onder de boom. In ons hotel hadden ze ook kerstkoekjes en gluhwein voor alle gasten, gezellige boel dus. Echt uitgebreid koken in ons appartement zag ik niet echt zitten, tijd in de keuken is minder tijd op de piste, maar gelukkig hebben de restaurants daar ook op gerekend en konden we onze kerstdinerbox ophalen bij Portobello: een gegrilde hele kip, oven aardappeltjes, geroosterde groenten, coleslaw en natuurlijk biscuits. Onze boom hadden we ook thuis gelaten, maar kadootjes waren er natuurlijk wel. De oude US traditie van vier pakjes elk: something to wear, something to read, something you want, something you need doet het altijd goed. En met een Amazon Prime gratis maand-abonnement had ik een aantal dingen al laten bezorgen bij het hotel. Alleen Eniek’s something to read is nog ergens onderweg, hopelijk komt dat voor de 30e aan… En natuurlijk is het grootste kado van allemaal een heerlijke vakantie in de sneeuw. Nog een paar dagen genieten dus!

Vertrouwde pistes

De eerste drie dagen Whistler zijn inmiddels al weer voorbij, tijd vliegt. De jet lag is al een stuk minder, de eerste nacht ben je om 12 uur al wakker om je om te draaien, tweede nacht rekt zich dat naar een uur of 2 ‘s nachts en vannacht voor het eerst tot half vier min of meer doorgeslapen. Voordeel is dat je ‘s ochtends heel rustig aan kunt doen en nog steeds een lekker lange dag hebt. Dag 1 hadden we bedacht als acclimatisatie-dag: niet al te veel doen, natuurlijk de gebruikelijke dingen regelen zoals liftpassen, ski-huur en lessen en gezellig door het dorp struinen om wat te winkelen, lui lunchen bij ons favoriete restaurantje, dat soort dingen.

De sneeuw in het dorp zelf is redelijk schaars, op niet verharde stukken ligt een laag sneeuw, maar gedurende de dag wordt alle asfalt via het prutstadium weer zwart, maar dat mag de pret niet drukken. Na de eerste sneeuwbui hebben we ook al onze eerste (kleine) sneeuwman gemaakt en zelfs met +2C blijft die wel even staan. bovenop de berg ligt gelukkig wel sneeuw en we kunnen skien, dat is het belangrijkste. De eerste nacht/dag kregen we meteen een extra 20cm sneeuw, dus het befaamde powder-skien? Check! Er zijn twee nieuwe liften die de drukte op drukke punten wat moeten verlichten: een gondel vanuit het dal op Blackcomb en een 6-zitter bij Whistler in het familie gebied, ook daar: check. Vooral de gondel is lekker relaxed omhoog gaan.

Als je vaker naar dezelfde plek gaat, dan ontwikkel je een paar “tradities” en een van die dingen is het fresh-tracks ontbijt op Whistler. Dan ga je met een kleine groep mensen om kwart over zeven al naar boven en na het ontbijt kun je dan als eerste op de piste met een helemaal maagdelijk tapijt en zonder de meutes. En omdat wij toch nog een jet lag hebben is voor ons opstaan om half zes om om kwart voor zeven in de rij te gaan staan, helemaal geen straf. Als je mazzel hebt krijg je bij het ontbijt ook nog de mooiste zonsopgangen te zien, daarvoor was het dit keer te bewolkt, maar nog steeds is het een schitterend uitzicht. En de eerste twee afdalingen waren super!