Author Archives: werff69

Aquatilus-week

Zo aan het eind van onze (school)vakantie plakken we er nog een weekje weg-in-eigen-land in: een weekje varen in Friesland met de Aquatilus. Op zaterdag konden we Lars en Sofie aflossen en ook Bob en Magon nog even zien voor de laatste uitleg over de upgrades van de boot. Handig zo’n neef die HTS doet, want er zitten allemaal nieuwe knopjes op het dashboard en de electriciteit aan boord is vijf-sterren geworden. Al heel lang geleden dat we op de boot zijn geweest met z’n allen, maar oh wat heerlijk vertrouwd nog weer!

Vanuit Leeuwarden wilden we niet te lang op het kanaal varen, maar ook niet meteen heel ver varen, dus doken we via Warten de Alde Feanen in om lekker buiten uit te gaan liggen. Met de puzzeltochen heel vaak daar gevaren, maar toch zijn er ook wat dingen veranderd, zo is de nauwe Saiter iets minder nauw en hebben ze er een nieuw kunstwerk in gebouwd. Vond ik het eerst maar raar dat er een spreuk in het Engels op stond – Friezen zijn meestal iets meer gehecht aan hun eigen taal – bleek bij nader onderzoek dat dit monument staat op een plek waar een Engels vliegtuig is neergestort tijdens de tweede wereldoorlog. In de muur zitten 251 nestgaten voor zwaluwen, voor elk vliegtuig dat opsteeg vanuit Engeland op 4 september 1942 om in Bremen fabrieken te gaan bombarderen een. 12 gaten zijn dicht voor de vliegtuigen die niet terugkeerden, waarvan 1 dus neergestort was in Friesland.  In elk gat zit een een metalen capsule met een boodschap en dat buisje is weer gemaakt van omgesmolten metaal van het vliegtuig. Hoe mooi symbolisch allemaal. Kijk je toch met andere ogen naar.

De eerste nacht waren met met vier – logisch zou je denken – maar andere vier dan verwacht, want Stijn bleef een nachtje langer in Pijnacker en kwam op zondag met de trein naar Akkrum om zich bij Eniek, Nino, Bart en Aske te voegen. Een hele uitdaging met een ingelaste snelbus tussen Zwolle en Meppel en een reis die van deur tot boot bijna vier uur duurde, maar de eerste lunch aan boord met ABENS was een feit. Met vijf moet je ook iedere avond wat meer werk verrichten, want de eettafel moet dan worden omgebouwd tot bed en de overige vier slaapplekken kunnen gewoon blijven liggen. Qua weer hebben we net even wat meer pech, want het is bijna de eerste koude, regenachtige week met Hollands weer sinds begin april, maar…dat drukt de pret absoluut niet en met een motorboot kun je in ieder geval lekker warm en droog binnen zitten tijdens het varen! En tussen de buien door heb je heerlijk zicht op mooie Hollandse luchten.

Ook de tweede nacht blijven we lekker buiten uit liggen bij het Tjeukemeer, op Eniek’s vakantie-wenslijst stond namelijk ook overnachten in een tent en daar heb je een stukje gras voor nodig. Veel meer dan 100meter gras was er verder ook niet, dus hardlopen en fietsen kon ik op mijn buik schrijven, maar gelukkig had ik ‘s ochtends al een stukje gezwommen. Ook het rubberbootje konden we even uitproberen, maar van de plannen om in het snelvaargebied op het Tjeukemeer te gaan varen, kwam niet heel veel, want je werd wel heel erg nat en koud op het meer met de golven en de wind.

Voor de derde nacht was de enige wens dat er een douche moest zijn, want hoe charmant het ook is om je haren te wassen in de afwasteil met warm water uit de fluitketel, er gaat toch niets boven een lekker warme douche. Dus koers naar Lemmer, waar we al even gezien hadden dat de jachthaven de enige optie was, omdat door Covid, de andere douches aan de kade in het dorp waren afgesloten. Lemmer kennen we heel goed, maar meer omdat het vanuit de zeilvakanties echt een mooie stop is. Op het rondje wandelen hebben we zo onze vertrouwde adresjes voor oranjekoek, duumkes en suikerbrood en ook onze favoriete pizzeria had nog wel een plekje voor vijf. De IJswinkel was helaas afgebrand en nog niet open, maar de concurrent die we nu dus uitprobeerden had ook erg lekker ijs.

Frisgedoucht zetten we vanuit Lemmer koers richting Heeg, idee was om weer een dagje buitenuit te gaan liggen, een aantal opties op de kaart al uitgezocht, maar eerst even verkennen, want de storm die voor de nacht was voorspeld wilden we natuurlijk graag in wat beschutting kunnen uitliggen. De eerste twee beweegbare bruggen die we tegenkwamen hadden weer lekker ouderwets een klompje om het bruggeld in te doen, veel van de bruggen zijn tegenwoordig automatisch bediend en dus geen bruggeld meer. Dat heeft ook z’n voordeel, want als echte Hollanders klagen we natuurlijk wel graag over de 3 Euro die we er dan in moeten doen. Na Sloten kwamen we door Woudsend en daar legden we even aan om te gaan lunchen, varend kan ook, maar liggend is wel zo lekker rustig en we hebben de tijd aan onszelf.

Op de Fluessen bij Heeg gingen we eerste de eilandjes verkennen, als dat een beetje een mooi plekje zou zijn, dan bleven we daar liggen. Het grote eiland – het Konijneneiland – had een prima plekje, lekker in de luwte van een grote groep bomen tegen de wind, het voordeel dat dit eiland al in de jaren ’70 is neergelegd, de bomen hebben bijna 50 jaar de tijd gehad om te groeien en het eiland is groot genoeg om dik 3km te kunnen wandelen als je het hele rondje maakt. Met twee extra landvasten als spring moeten we hier de storm wel goed door kunnen komen. 

Op het kaartje hieronder even de route die we tot nu toe hebben afgelegd, de blauwe “pins” zijn steeds een stop: start in Leeuwarden, overnachten in de Alde Feanen, Stijn ophalen in Akkrum, overnachten bij Tjeukemeer, Lemmer en nu midden op de Fluessen. 

Herkansing glijbanen

Vanochtend natuurlijk eerst Bart gefeliciteerd en hem daarna de deur uitgestuurd om broodjes te halen voor zijn eigen ontbijt, want tja, als je de avond van tevoren vergeet om te bestelen, moet je zelf naar de bakker. Maar gelukkig vond hij dat niet erg en de broodjes smaakten heerlijk, net als de eitjes die we ook maar even op moesten maken, want laatste relax ontbijt op laatste vakantiedag in Oostenrijk. 

Het was weer een supermooi-weer-dag, dus gelukkig kon het oorspronkelijke programma gewoon doorgaan. Aangezien we op onze eerste vakantiedag ivm het weer een dichte glijbanen attractie aantroffen op de Wildkogel-baan, namen we vandaag weer hetzelfde gondeltjes omhoog. Met blauwe luchten is het boven nog mooier en de koeien leken ook een stuk vriendelijker. Ook hadden we dit keer aan de 2 Euro munten gedacht om houten balletjes uit een automaat te halen voor de “knikkerbaan” die ze daar gemaakt hadden. Gelukkig is de helling zo afgesteld dat je rustig mee kunt lopen zonder hals-und-bein-bruch kapriolen. En hoe oud je ook bent, spelen met knikkers blijft leuk! 

Na een lekker drankje op het terras met uitzicht op de Gross-Venediger splitsen we kort op. (op veel plekken heb je gelukkig zo’n paal met kijkgaten waar alle bergen uit de omgeving op staan, want ze uit elkaar houden is een kunst apart) Ik wilde graag naar het middenstation lopen via de mooie panoramaweg van de vorige keer en de rest nam liever de gondel. Geschatte wandeltijd 1 uur – dat kan korter dacht ik nog – dus de rest kon boven nog wat extra tijd boven doorbrengen. Supermooi uitzicht weer en na 40 minuten kwamen we elkaar weer tegen bij het middenstation, wat een perfecte timing. Alleen was ik iets bezweter dan de rest. 

Bij de gondel konden we onze matjes huren: een soort tapijtje met een touwtje, je voeten ertegenaan zetten, aan het touwtje een beetje achterover hangen en goed ellebogen en knieen naar binnen houden. Dat was in ieder geval de uitleg… Bart en Eniek waren er behendiger in dan Stijn en ik. Dus wij twee hebben het gehouden bij alleen de blauwe glijbanen (de makkelijkste met het minste aantal bochten), al probeerde ik nog wel vol bravoure de eerste rode om lekker uit de bocht te vliegen en wat lekkere schaafplekken op te lopen. Lange broek en lange mouwen zijn handiger, maar niet als het 25 plus Celsius is. Tussen de glijbanen door moest je naar beneden lopen natuurlijk, maar met 9 glijbanen ging dat voor je gevoel vrij snel. 

Bij de laatste glijbaan stond een grote auto klaar waar je je matje weer in kon leggen en was er ook een restaurant om de lunch te nuttigen. Traditioneel Oostenrijks met verschillende soorten Schnitzel en voor Bart een Rosti gerecht met natuurlijk de nodige glazen Almdudler en Spezi. Weer verzadigd moesten we daarna nog wel een dik uur naar het dorp lopen in de brandende zon, maar proberen de moed en de pas erin te houden, dan kom je vanzelf bij de “nieuwe kerk”. 

Alweer de laatste avond in dit heerlijke appartement, als we serieus geld zouden hebben, dan wisten we het wel, er staan er nog drie te koop, maar voorlopig houden we het maar bij het huren voor een weekje vakantie. Na de maaltijd vast de grootste dingen opgeruimd en ingepakt en lekker afgesloten met een spelletje Ligretto en voor het slapen gaan nog een laatste rondje sauna (voor mij dan). Het uitzicht zal ik het meest gaan missen, maar goed om te weten dat de alpen in de zomer minstens zo leuk zijn als in de winter!

Op zoek naar edelstenen

Voor vandaag stond de Smaragd Route op het progamma, Eniek had al gelezen dat er een pad was waar je kans had dat je echte edelstenen kon vinden en ik had gelezen dat het een erg mooie wandeling was, dus dat was een win-win. Maar natuurlijk eerst een ontbijtje met z’n allen nuttigen. De broodjes hingen netjes om acht uur aan de deur, net zoals iedere ochtend (als je niet vergeet te bestellen natuurlijk). De beheerders rijden met een golf karretje alle broodjes tussen 7 en 8 langs alle huisjes. 

Stijn had al aangegeven dat wandelen niet zijn favoriete bezigheid was en dat hij vond dat we ook wel eens een dagje niets konden doen. Met dat laatste argument krijgt bij mij natuurlijk geen gehoor. Echter, het leek mij voor ons aller plezier een goed idee om hem een dagje rust te gunnen. En zo gingen wij met z’n drieen op pad naar het Habachstal om daar in de berm te parkeren omdat het parkeerterrein al helemaal vol was. 

Eniek had meteen al een “aanvaring” met een iets te enthousiaste koe die aan het begin van het pad stond te grazen, van mensen was zij niet echt gediend en met een lief hoog gilletje rende Eniek snel de andere kant op. Even later kwamen we een bordje tegen dat uitlegde dat je de koeien met rust moest laten en het poppetje op het bord leek echt precies op Eniek in zijn reactie, haha. 

Het pad liep bijna de hele tijd langs een supermooie beek en het uitzicht was dus weer adembenemend. Het tempo moest je wel wat omlaag gooien, want de hellingshoek was soms wel 30%. Bart heeft zo’n appje op z’n telefoon en als je je telefoon op de grond legt, geeft het aan welk % helling het is, heel handig in discussies. En ook het rekenwerk over hoeveel graden dat dan is, leidt je even af van het harde werk. Voor iedereen die het wil weten: een helling van 45 graden wordt uitgedrukt als 100%, oftewel bij die hoek leg je evenveel horizontaal af als verticaal qua afstand. Maar het is vakantie, dus de wiskunde stoppen we weer even weg. 

Onderweg waren er genoeg plekjes om even te stoppen en ofwel te genieten van de natuur, even te zitten op de grote rotsen langs het water of zelfs een koud water challenge te doen. Uiteraard won Eniek die 20 seconden haar handen in het ijskoude beekwater kon houden (ter vergelijking ik hield het bij 8 seconden al voor gezien). Na 2 1/2 uur kwamen we boven aan bij Gasthof Alpenrose en aangezien onze magen al flink van zich lieten horen, zochten we eerste en tafeltje voor de lunch. Standaard menu kaart dus de keus valt ofwel op grillworst met pommes of kaiserschmarren. 

Na het eten hadden we de keus: of nog maar een kwartiertje zoeken in de rivier naar heuse edelstenen en met de 2 uur bus terug of op ons gemak boven stenen zoeken en terug lopen. Met de overmoed van een volle maag besloten we tot het laatste. Er lagen wat kleine materialen om het grit en de steentjes uit de rivier wat te zeven en Eniek en Bart hebben dat toch dik drie kwartier volgehouden. Mooie stenen gevonden, maar de beloofde smaragden bleven achterwege, een verhaal dat het leuk doet voor de toeristen, maar ik vraag me af wanneer er voor het laatst echt een smaragd uit dat riviertje is opgevist. 

Tegen drieen aanvaardden we de terugweg naar de auto en dit keer bleven we grotendeels op het wat bredere pad, ook al misten we dan veel van de riviergezichten, het sneed wel wat tijd af en dit keer deden we maar anderhalf uur over dezelfde 7km, afdalen gaat toch harder dan omhoog. Tegen vijf uur waren we weer terug in het appartement en vonden we Stijn nog op precies dezelfde plek als toen we weggingen, het was dat hij gegeten had, anders zou je denken dat hij gewoon aan die stoel zat vastgekleefd. Na 14km wandelen konden we alledrie wel een frisse douche gebruiken en ook leek het de ideale avond om de sauna eens lekker uit te proberen die in het huisje zit. Het lijkt erop dat ik ook daarin de enige ben die er echt lol in heeft, maar goed, meer ruimte voor mij zullen we maar zeggen. 

 

Bolletjestrui e-hulp

De fiets(en) konden we helaas niet meenemen in/op de auto, maar er een huren is natuurlijk altijd een optie. Heel populair hier in de bergen zijn de e-MTBs, oftewel de Mountainbike Stella. Daar had zelfs de hele familie wel oren naar, als we het klimmen iets makkelijker kunnen maken, dan gaan we wel mee. Reserveren is wel een must, maar twee dagen vantevoren konden we nog vier fietsen reserveren. Het weerbericht goed in de gaten houden, eerst was de voorspelling ‘s Ochtends regen, maar bij wakker worden was dat verschoven naar de middag, dan maar weer plannen omgooien en kids wakker maken om meteen na het ontbijt weg te gaan. 

Na een korte uitleg over de verschillende niveaus van ondersteuning – en het effect op de batterij duur – gingen we op weg richting Krimml. Wederom een top toeristische attractie hier in het gebied: een van de grootste watervallen. De fietspaden staan netjes aangegeven met groene vierkante bordjes die je al mooi op tijd ziet aankomen. Gelukkig vermijden ze ook nog eens de grote wegen en ik denk dat de helft van de weg asfalt was, maar de tweede helft ging over onverharde paden door de bossen, langs de riviertjes: heerlijk! Onderweg een aantal keer stoppen om van al dat moois wat foto’s te maken – en ook het achterwerk een pauze te geven, want a. het zadel was hard en b. ik miste mijn fietsbroek wel. 

Bij de waterval aangekomen mochten we niet verder fietsen en zetten we de fietsen op slot om verder te wandelen. Wederom een toeristische attractie met veel mensen en een kassa om binnen te mogen. Onderaan de waterval was een soort klauter-plateau waar je een mooi plaatje kon schieten en tegelijk ook lekker nat kon worden. Stijn was helemaal kleddernat, maar met het zonnetje is dat ook zo weer droog. 

Eniek en ik wilden nog wel even naar boven wandelen om ook van bovenaf de waterval te zien, de heren bleven in het zonnetje lekker opdrogen. Achteraf gezien hadden we nog veel verder kunnen doorlopen naar nog een tweede waterval, maar dat bordje hebben we blijkbaar gemist en we hadden inmiddels ook wel trek. Op het terras een lekker plekje in de schaduw kunnen bemachtigen en heerlijk weer een gevarieerde maaltijd besteld: schnitzel met friet voor Eniek, kaiserschmarren voor de heren en voor mij een lekker strudel met vanille saus. Tactische bestelling van mij, want ik weet dat er altijd over blijft op de andere borden, dus heb ik een drie-gangen lunch. 

Na de lunch wilde ik heel graag de Gerloss Alpenstrasse op met de fiets, een tweede kronkelende alpenpas die ons dal (Salzach tal) verbindt met het Zillertal en uiteraard uitkomt in Gerloss en van waaruit je een mooi uitzicht zou moeten hebben op de waterval. Stijn had in nog meer hoogte meters geen zin, elektrisch of niet, en mocht van ons z’n eigen weg terug naar het appartement vinden. Eniek en Bart wilden wel mee, maar na een paar bochten trok Eniek het ook niet echt meer, te warm en te benauwd, dus die gingen met z’n tweeen ook terug.

En toen was er dus nog maar een gek over, die volop heeft zitten genieten de berg op. Uit principe de elektrische ondersteuning niet voluit gezet, zodat ik ook nog wat werk moest doen en ook omdat ik niet helemaal kon inschatten hoe snel de batterij dan leeg zou gaan. Maar dan nog is het heerlijk om met 18 km/uur de berg op te knallen. Gereden tot de hoogste top (1680m) om daarna weer om te draaien en voorzichtig de afdaling aan te gaan. Geen elektrisch nodig, maar veel remmen, want ik ben geen dare devil, 40-45 km/u max vond ik wel genoeg. Een maal bij de waterval weer terug, nam ik het pad door het bos aan de andere kant van de rivier weer terug naar het dorp, de weg omhoog duurde 53 minuten van waterval tot top, de weg omlaag 59 minuten van top tot appartement, zwaartekracht is de ultieme motor (of rem).

In het appartement even samen koffie gedronken en daarna de fietsen weer naar de verhuur gereden, omdat de wolken toch wel heel donker leken te worden. Net voor de regen waren we weer met de auto terug bij het appartement, ik zeg “goede timing”. Relaxed thuis een eenvoudige maaltijd genoten en ge-ligretto-ed. Allevier waren we het eens: fietsen was superleuk!

De hoogste weg van Oostenrijk

Aangezien het de warmste dag van de week zou worden (zo’n 33C voorspeld), leek het ons een goed idee om a. zo hoog mogelijk de bergen in te gaan en/of b. veel in de airco te zitten. Op de programma top 5 stond sowieso de Grossglockner Hochstrasse, dus dat konden we mooi combineren. De GH is de hoogste weg van Oostenrijk en ook al een aardig oude, een groep visionairs stelde al bijna 100 jaar geleden voor om deze weg aan te leggen, die de provincies Salzburg en Karinthie met elkaar zou verbinden, dwars door de hoogste alpine bergen. Toendertijd werden ze een beetje weggelachen, omdat er nog zo weinig auto’s waren dat het niet echt nodig leek, maar tijdens de depressie van de jaren ’30 leverde het project werkgelegenheid op en kwam de financiering toch rond. In 1935 werd hij geopend, maar de geprojecteerde 130 duizend bezoekers moesten eerst nog even op zich laten wachten, want er kwam een wereldoorlog tussen. Maar dit jaar gaan er toch naar schatting 900 duizend mensen over deze weg. 

Ik heb geen dag-aantallen kunnen ontdekken, maar het was aardig druk op de weg en soms was het gewoon file rijden. Maar vanaf het eerste uitzicht konden we allevier alleen maar “wauw” zeggen. Wat een bergen, nog veel gletschers waar dan riviertjes/watervallen vanaf stromen naar beneden en dat met die blauwe lucht erboven. Gewoon alsof je in een schilderij rondrijdt. 

Onderweg zijn er genoeg stops om er even uit te gaan en even rond te kijken, niet alleen genieten van het uitzicht, maar ook kijken naar alle verschillende bloemen, de schapen/geiten en natuurlijk staan op de sneeuw. Het sneeuwballengevecht ging mij net te ver, was meer ijsballen gooien. Restaurantjes bij de vleet om wat te drinken of te eten en voor de nodige souvenirs. De lunch hadden we gepland op de Edelweiss viewpoint, maar daar stond een verkeersregelaar en een rij auto’s die naar schatting 25-30minuten zou duren om omhoog te kunnen, dan maar lunchen bij een net zo charmant restaurant alwaar we de eerste Kaiserschmarren van dit jaar konden scoren. 

De haarspeldbochten worden netjes geteld en ook de hoogte vermelden ze erbij, dik boven de 2000m tot wel 2500m hoogte loopt de weg. Aan het eind van de weg – als je dus al in Karinthie bent – ligt het Kaiser Franz Josef uitzichtpunt, meest populaire bestemming? Dacht het wel. Eerst moesten we zes rijen dik in de rij staan omdat de parkeerplaatsen vol waren, dat duurde verrassend kort, maar 15 minuten, en toen we daar aankwamen snapte we waarom. Niet alleen had je P1 t/m P4, maar P1 was ook nog eens een enorme parkeergarage tegen de berg aangebouwd van wel vier verdiepingen, de Garden State Plaza zou er bijna jaloers op worden. 

Grote trekpleister bij Kaiser Franz is niet alleen het uizicht op o.a. de Grossglocker en weet ik hoe veel andere 3 km reuzen, maar ook de Pasterze gletscher, de langste gletscher van Oostenrijk. De drukte vermijden was best lastig, maar de grootste meutes wisten we te vermijden en gelukkig was alles buiten. Het oude Gletscher treintje daar waagden we ons niet aan, leuk om te zien, maar met z’n tienen in zo’n karretje gedrukt worden, nee dank je. Na al dit natuurschoon was ons brein aardig verzadigd en sloten we weer bij de meute aan om dezelfde weg terug naar huis te rijden. Met alle files duurde dat ook weer een goed half uur langer en uiteindelijk waren we tegen vijf uur weer thuis, echt een goede dagtrip dus. Geen zin in koken, geen probleem, ook hier kennen ze het fenomeen afhaalpizza.