Weekje zon

Je zou er je vakantiebestemming op uitzoeken, zo fijn is het om vanaf Rotterdam Airport te vertrekken. Je voordeur uitstappen en 45 minuten later ingecheckt en al aan de koffie te zitten. Dat de beenruimte bij Transavia ernstig te wensen overlaat, dat nemen we op de koop toe. Om aan de winterse duisternis wat tegenwicht te geven, hadden we een weekje “Malaga” geboekt. Ik zet het even tussen aanhalingstekens, want het appartement ligt blijkbaar in het naastgelegen Benalmádena. Mag de pret niet drukken, toeristisch is het toch wel en gelukkig nog net geen Torremolinos! 

Ook op Malaga Airport verliep alles vlotjes, de koffer kwam de band op rollen toen wij aan kwamen lopen. Even zoeken naar de shuttle bus die ons naar de autoverhuur zou brengen. Je kon op het vliegveld natuurlijk ook Herz en co gebruiken, maar die extra tien minuten rijden om een week een auto voor zeven tientjes te huren, nemen we op de koop toe. Buiten gekomen bevalt de temperatuur ons meteen al een heel stuk beter dan die we in Rotterdam achterlieten en die strakblauwe lucht is precies wat we besteld hadden. 

Rond lunchtijd waren we bij ons appartement, maar daar konden we pas vanaf 3 uur in, dus gingen we eerst langs de boulevard lopen om een leuke tapas tent uit te zoeken en de buurt vast te verkennen. Heerlijk gegeten en mental note to self gemaakt om de volgende keer de zonnebrand niet onderin de koffer te stoppen. Het appartement is weer lekker ruim, met groot terras (met alleen ‘s ochtends zon helaas), losse slaapkamer en grote keuken en badkamer: hier houden we het wel een week uit. 

Maandag besloten we eerst het dichter bij huis te houden en Gibraltar op de lijst voor later in de week te zetten. Malaga heeft ook de nodige bezienswaardigheden en is een stuk minder ver rijden. Na een week korte nachten was lekker uitslapen tot 8 uur ook wel eens lekker, vroeg opstaan kan nog wel als we om 10 uur al in Granada moeten zijn woensdag (foreshadowing heet dat in literatuur en/of film). 

De kleine fiat 500 heeft zowaar carplay, dus google maps werkt gewoon op het scherm en Bart kon dus linea recta naar de parkeergarage bij het centrum rijden. Eerste stop koffie op het terras, blijkbaar een dusdanige eerste levensbehoefte voor de gemiddelde Spanjaard dat een kopje koffie hier nog wel gewoon 1 euro 50 kost… (behalve dan als je op een toeristisch terras zit, kwamen we later op de dag achter). Via allemaal kleine straatjes hadden we een route uitgestippeld om via de kathedraal naar het Picasso museum te lopen. Onderweg kwamen we ook nog een supermooie kerk tegen met een wel heel bijzondere buitenkant: Iglesia de San Juan Buatista (klinkt leuker dan Johannes de Doper), eind 15e eeuw gebouwd door de toenmalige koning Ferdinand en zijn vrouw Isabella toen die Malaga op de Moren veroverden. 

De kathedraal mocht er ook wezen, de buitenkant was nooit afgebouwd, maar nu hebben de Spanjaarden hier maar gewoon een erenaam aan gegeven, de bijnaam van de kerk is namelijk “onze vrouwe met 1 arm”, wat uiteraard slaat op het feit dat maar 1 van de torens is afgebouwd. Binnen niet 1 maar twee orgels en een hoeveelheid kapelletjes om U tegen te zeggen. Bij elke kapel kon je een kaarsje aansteken (wel jammer dat het electrische lichtjes waren) en in een hokje penitencia doen (biechten klinkt toch een stuk minder streng dan penetencia).

Bij het Picasso museum stond een enorme rij, maar gelukkig konden we voor 1 uur online nog kaartjes kopen. Dat gaf ons een dik uur om ergens wat te eten en drinken te scoren en nog wat door de stad te dwalen. In het museum met de audiotour door het leven van Picasso gelopen. Dat het een interessant man was, wisten we al, maar om zijn hele ontwikkeling van 13-jarige protegée tot 80 jarige veteraan te zien, was super interessant. De allerberoemdste schilderijen hangen natuurlijk over de hele wereld verspreid, maar er was nog genoeg moois te zien. En het gebouw zelf met z’n mooie binnentuin was ook niet verkeerd. 

Nog steeds niet uitgewandeld, klommen we omhoog naar het Gibralfaro kasteel, tijdens de klim werden we getrakteerd op mooie vergezichten: de haven en de stad aan de ene kant en de bergen en muren van Alcazaba, Coracha en Gibralfaro aan de andere kant. Hoog op deze berg bouwden de Phoeniciërs al in 770 v.Chr. een militaire versterking, maar het fort dat er nu staat werd in de 14e eeuw gebouwd door Yusuf I van Granada om Alcazaba te versterken. Het was redelijk onneembaar, want de enige reden dat ze zich in 1487 overgaven aan Ferdinand en Isabella was omdat ze te weinig te eten hadden. En ook daarna nog werd het eeuwenlang gebruikt als fort bij alle schermutselingen die in deze regio voorkwamen. 

Weer naar beneden gewandeld gingen we ook het Alcazaba nog in als laatste stop in Malaga (zo beloofden we onze voeten die luid aan het protesteren waren). En wat een mooi toetje van deze dag, echt super de moeite waard om de paleizen van die tijd te zien. Ook hier nog de overblijfselen van eerdere bewoners met een mooi amfitheater uit de 1e eeuw. Het paleis zelf werd over meerdere eeuwen tussen de 11e en 14e eeuw gebouwd door verschillende emirs en het huidige gebouw is in 1933 in zijn huidige staat hersteld door Leopoldo Torres Balbás. Plaatjes zeggen meer dan een enorm lang verhaal, maar wil je meer lezen, dan staat er van alles nog op Wikipedia natuurlijk. 

Een lange, maar mooie en bovenal zonnig eerste dag in Spanje, restte ons verder niets dan een uitgebreide stop bij de hipermercado om avondeten en lekkers te halen voor in ons appartement. Benen omhoog, kopje koffie erbij, vroeg naar bed, want morgen weer een nieuwe dag met veel stappen in het vooruitzicht. 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *